Uw agentschappen
Wist u dat ...
Brandverzekering verplicht?
Een brandverzekering is momenteel niet verplicht in België maar dat zal binnenkort (...)
Het artikel zienHospitalisatieverzekering, een noodzaak?
Uit cijfers van Assuralia, de vereniging van verzekeringsondernemingen, blijkt dat (...)
Het artikel zienWeet u hoeveel pensioen u zult krijgen?
Minister Daerden stelt vandaag zijn groenboek over de pensioenen voor aan de regering. (...)
Het artikel zienAutoverzekering
Wat is de burgerlijke aansprakelijkheid ?
De burgerlijke aansprakelijkheid is de verplichte verzekering, die u dekt voor schade die u aan derden kan berokkenen in het geval van een ongeval in fout.
En dit zowel voor lichamelijke schade (overlijden, letsels, verwondingen alsook de gevolgen ervan) als voor stoffelijke schade.
Wat is het verschil tussen de dekking van een Volledige Omnium en een gedeeltelijke omnium ?
Een gedeeltelijke omnium dekt uw voertuig tegen diefstal, brand, glasbreuk, aanrijding door dieren en natuurelementen.
Een volledige omnium dekt u net als een gedeeltelijke omnium + stoffelijke schade (schade veroorzaakt aan uw voertuig in het geval van een ongeval). Bij voorbeeld: wanneer u een voorrang van rechts weigert of ook wanneer u vaste voorwerpen raakt (correct geparkeerde voertuigen, bomen, palen, enz.).
Wat is de bestuurdersverzekering?
Vermits de burgerlijke aansprakelijkheid “derden” dekt, en de inzittenden van het voertuig eveneens beschouwd worden als “derden”, is de bestuurder de enige persoon die niet gedekt is. Dankzij deze verzekering dekt men dus ook de kosten bij hospitalisatie, overlijden en arbeidsongeschiktheid van de bestuurder.
Wat moet ik doen als ik een ongeval voor heb?
Als er gewonden zijn, moet u de politie verwittigen en zo snel mogelijk een verklaring afleggen. Als er enkel materiële schade is, bent u niet verplicht de politie erbij te halen. Toch is dit sterk aangeraden in het geval van betwisting of als de andere bestuurder weigert zijn versie van de feiten op te geven of het Europese aanrijdingformulier te ondertekenen.
Indien u als enige persoon betrokken bent, hoeft u dit aanrijdingformulier niet in te vullen. Een schriftelijke melding van de omstandigheden, de datum, de plaats en de gevolgen van het ongeluk volstaat.
Kan ik veranderen van verzekeringsmaatschappij wanneer ik verander van voertuig?
Het enige moment waarop u kan veranderen van verzekeringsmaatschappij, is op de vervaldatum en mits uw verzekeraar daarvan te verwittigen 3 maanden en 1 dag vóór deze datum, per aangetekend schrijven.
Niettemin kan u een omnium starten in een andere verzekeringsmaatschappij wanneer u verandert van voertuig, maar de burgerlijke aansprakelijkheid kan slechts volgen vanaf haar vervaldatum, mits naleving van de hierboven beschreven voorwaarde.
De hoofdbestuurder is degene die hoofdzakelijk het voertuig gebruikt. De premie is ook berekend op basis van dit gegeven. Men moet steeds de juiste bestuurder opgeven, als men geen risico wenst te lopen dat de verzekeraar beroep aantekent en zich tegen u keert om de onterecht verworven vergoedingen terug te vorderen.
Elke verzekeringsmaatschappij heeft zijn eigen regels, afhankelijk van het merk en het model van uw voertuig alsook van zijn cataloguswaarde.
In de meeste gevallen is het systeem dat van herkomst aanwezig is, voldoende.
Dit hangt af van de Maximale Toegelaten Massa (MTM). Indien deze niet hoger is dan 750 kg, is de dekking van de aanhangwagen inbegrepen in de burgerlijke aansprakelijkheid van uw voertuig. Indien deze MTM meer bedraagt dan 750 kg, moet men dit bijkomend verzekeren.
Welke procedure moet men volgen op het gebied van de verzekering wanneer men verandert van wagen?
De inschrijvingsaanvraag voor een nieuw voertuig (roze kaart voor het DIV), moet ons volledig ingevuld en ondertekend worden toegestuurd. Wij maken deze aanvraag dan over aan het DIV (Directe Inschrijvingen Voertuigen).
U wenst een omnium?
Indien het te verzekeren voertuig nieuw is, dient u ons de aankoopfactuur toe te sturen.
Bij een tweedehands voertuig, moet u ons enkel de aankoopwaarde meedelen van hetzelfde voertuig, in nieuwe staat.
U moet ons allereerst verwittigen van het verlies of de diefstal van uw documenten. Wij sturen u dan een roze formulier (waarmee u een duplicaat van uw inschrijvingsbewijs kan aanvragen).
U moet ook een attest van verlies of diefstal van uw documenten aanvragen bij de politie. Stuur vervolgens al deze documenten samen naar het DIV (Directe Inschrijvingen Voertuigen).
Wij sturen u een duplicaat toe van uw groene kaart (verzekeringsbewijs).
Voor elk voertuig dat op de openbare weg wenst te rijden, bent u verplicht een burgerlijke aansprakelijkheid te nemen die u dekt voor schade die u berokkent aan derden in het geval van een ongeval in fout.
De verzekeringsmaatschappij biedt de mogelijkheid om de verzekering voor een auto en een motor te combineren, om zo de premie van de motor-verzekering te verminderen. De hoofdbestuurder moet in dit geval wel dezelfde persoon zijn.
Ik wil mijn wagen als oldtimer laten verzekeren. Welke voorwaarden zijn daaraan verbonden? (bron : www.assuralia.be)
Wie een wagen als oldtimer wil inschrijven (dus met een O-nummerplaat) moet volgens het verkeersreglement aan volgende voorwaarden voldoen:
Een oldtimer is een personenwagen, auto voor dubbel gebruik of een minibus die minstens 25 jaar geleden - of voor een ander voertuig minstens 30 jaar – in gebruik genomen is.
De oldtimer komt slechts bij uitzondering op de openbare weg: ter gelegenheid van een toegelaten manifestatie (oldtimer meetings) of proefritten met het oog op dergelijke manifestaties.
De (proef)ritten mogen alleen gemaakt worden tussen zonsopgang en zonsondergang en binnen een straal van 25km. Op deze afstandsbeperking is een uitzondering mogelijk indien de rit plaatsheeft om naar een manifestatie te rijden en dit bewezen wordt door een verklaring door de titularis volgens een model dat wordt vastgelegd door de bevoegde minister.
Er bestaan op de markt een aantal autoverzekeringen die afgestemd zijn op het gebruik van een dergelijke oldtimer. Omdat u immers minder rijdt, heeft u minder risico op ongevallen en is het dus ook maar logisch dat daar een aangepaste – voordeligere – verzekeringsformule voor bestaat. Indien uw verzekeringscontract vereist dat het om een oldtimer gaat die ook effectief als oldtimer ingeschreven is bij de DIV, dus met een nummerplaat waarbij de lettercombinatie begint met een « O », dan moet u zich aan bovenstaande voorwaarden houden. Indien u dat niet doet, riskeert u een financiële kater bij een ongeval door u veroorzaakt. De schade die u berokkent aan derden wordt vergoed door uw verzekeraar maar die zal verhaal uitoefenen en de uitkeringen dus van u terugeisen. Dat verhaal wordt beperkt tot 250 euro indien de onjuiste mededeling niet opzettelijk werd gedaan. Indien de verzekeraar echter kan bewijzen dat die onjuiste mededeling wel opzettelijk is gebeurd, om bijvoorbeeld een gunstiger tarief te bekomen, dan zal de volledige schadevergoeding teruggevraagd worden.
Het is ook mogelijk om een autoverzekering voor oldtimers af te sluiten die niet vereist dat u de oldtimer effectief als oldtimer bij de DIV inschrijft. Verkeerstechnisch gaat het dan om een « gewone » auto (of ander motorvoertuig) die u zonder gebonden te zijn aan bovenvermelde uitzonderingsvoorschriften als vervoersmiddel gebruikt. Het tarief is doorgaans omgekeerd evenredig met het aantal voorwaarden die verbonden zijn aan het gebruik. Welke voorwaarden de verzekeraar oplegt, kan verschillen van verzekeraar tot verzekeraar. Ook hier geldt de mogelijkheid tot verhaal van de verzekeraar indien de voorwaarden niet nageleefd worden.
Ik heb een verkeersongeval in het buitenland. Wat nu? (bron : www.assuralia.be)
“Ik had een ongeval in Spanje. Een Spanjaard die achter mij aan reed is op mijn wagen gebotst bij een zebrapad terwijl er voetgangers overstaken, met blikschade tot gevolg. Maar de weg naar het strand vragen in het Spaans is heel wat anders dan een gesprek over een autoschade. Hoe zorg ik ervoor dat mijn schade vergoed wordt?”
Om te beginnen is deze vraag een uitgelezen gelegenheid om het belang van het Europese aanrijdingformulier te benadrukken. Dat formulier is in elke lidstaat van de Europese Unie identiek opgesteld zodat de taalproblemen tot een minimum beperkt kunnen worden. Bovendien is het Europees aanrijdingformulier niet alleen belangrijk wanneer er geen politie aan te pas komt; zelfs indien een PV wordt opgesteld, is een ingevuld en ondertekend formulier van essentieel belang voor een snelle afhandeling van de schaderegelingen. In binnen- én buitenland!
Maar inderdaad kan een aanrijding in het buitenland – al was het maar omwille van het taalverschil - hoe dan ook voor een behoorlijke portie zenuwen zorgen. Gelukkig is het sinds enkele jaren mogelijk om schade die u in een ander EU-land geleden heeft in eigen land – en dus in uw eigen taal – te verhalen. Alle verzekeraars in de Europese Unie hebben immers een vertegenwoordiger in elk land.
Als de andere bestuurder aansprakelijk was – en dat was hij normaliter in bovengenoemd geval - kan u terecht bij de vertegenwoordiger van zijn verzekeraar. U stuurt, desgevallend met de hulp van uw rechtsbijstandverzekeraar, die vertegenwoordiger een brief waarin u uitlegt waarom de ander aansprakelijk is, samen met het Europese schadeformulier en de namen en adressen van eventuele getuigen. Indien u geen rechtsbijstandverzekering heeft waarop u beroep kan doen, kan u zich richten tot het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds om de gegevens van de vertegenwoordigende maatschappij te bekomen.
Ik heb al veel gehoord over de opening van de Europese markt voor autoverzekeringen. Is er voor dit project reeds een planning in de tijd? (bron: www.assuralia.be)
Sinds juli 1994 hebben de lidstaten van de Europese Economische Ruimte (m.a.w. de Europese Unie plus IJsland, Liechtenstein en Noorwegen) wetten aangenomen waardoor een erkende verzekeringsagent in een andere lidstaat diensten aan lokale verzekeringnemers kan aanbieden. Dit vrije handelsverkeer is voor autoverzekeringen echter beperkt gebleven.
De meeste groepen die een belangrijke positie op hun doelmarkt voor ogen hebben, bieden hun diensten liever ter plaatse aan dan over de grenzen heen.
De verzekeringsagent die in autoverzekeringen wil doen, moet op de hoogte zijn van de lokale wetgeving (inhoud verzekeringscontract en wegcode) en goed thuis zijn in de wereld van de expertise, autoherstelling, enz. Daarom bleef de interesse beperkt tot enkele alleenstaande initiatieven, die zich vaak op een heel specifiek doelpubliek richten (autovloten, medewerkers van het Amerikaanse leger in Europa, bestuurders die geen alcohol meer drinken, internetgebruikers ...). Indien het gaat om verplichte autoverzekeringen, moeten deze verzekeraars trouwens gekend staan bij de Belgische autoriteiten en bijdragen tot de goede werking van instanties zoals het “Bureau voor groene kaarten” en het “Gemeenschappelijk motorwaarborgfonds”.
Een nieuwe Europese richtlijn heeft het werk van verzekeringsbemiddelaars vergemakkelijkt door hen op hun beurt over de grenzen heen te laten werken; misschien kan dit voor de nodige veranderingen zorgen.
Brand en diefstal verzekering
Als ik van statuut verander: van huurder naar eigenaar of van eigenaar naar huurder. Moet ik dan onmiddellijk mijn huidige woonverzekering opzeggen?
Wanneer u verandert van statuut, moet u tevens het type brandverzekering aanpassen, wat betekent dat u de verzekering m.b.t. het gebouw mag veranderen. Wat de inhoud betreft, moet u de opzeggingsvoorwaarden van een verzekeringscontract naleven, m.a.w. uw verzekeraar 3 maanden en 1 dag vóór de vervaldatum verwittigen.
Wat moet ik doen bij schade aan mijn woning?
Als u het slachtoffer bent van diefstal in uw woning, verwittig dan de politie en zorg ervoor niets aan te raken: u zou sporen kunnen uitwissen. Als u de optionele dekking voor diefstal heeft in uw package, dan moet u ons zo snel mogelijk verwittigen zodat we een expert kunnen sturen die de schadevergoeding zal schatten.
Voor alle andere schadegevallen, bent u er wettelijk aan gehouden de schade te melden binnen de 8 dagen na het voorval. Dit laat ons toe om snel een expert te ontbieden. Bovendien, als u geniet van bijstand in uw contract, kunnen al bepaalde bijkomende maatregelen worden genomen om de gevolgen van de schade te beperken.
Een wagen heeft zich door mijn huisgevel geboord. Hoe raak ik vergoed? (bron : www.assuralia.be)
U hoeft zich geen zorgen te maken. De « aanrijding door een voertuig » maakt gebruikelijk deel uit van de gevaren die door de woningverzekering zijn gedekt.
Geef het schadegeval aan bij uw brandverzekeraar. Hij zal u vergoeden voor alle schade die aan het gebouw is aangericht door een al dan niet geïdentificeerd voertuig, als dit maar van een derde is. En hij zal dat ook vrij snel doen, op basis van een overeenkomst tussen verzekeraars.
Deze overeenkomst stelt dat de brandverzekeraar de expertise laat uitvoeren voor rekening van de betrokken autoverzekeraar.
Omdat de brandverzekeraar tussenkomt in de plaats van een aansprakelijkheidsverzekeraar hebt u het bijkomend voordeel vergoed te worden in nieuwwaarde. Bovendien moet de brandverzekeraar u vergoeden binnen de maand die volgt op de vaststelling van de schadevergoeding. Hij zal deze kosten verhalen bij de verzekeraar van het voertuig, maar dat heeft voor u geen belang meer – op de mogelijke franchise na - want u bent intussen vergoed.
Maar wat gebeurt er indien het voertuig dat uw gebouw heeft beschadigd, niet verzekerd is? Dat verandert niets voor u. In dit geval zal het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds uw verzekeraar terugbetalen. Het Fonds kan zich vervolgens keren tegen de aansprakelijke autobestuurder.
Hoe verzeker ik mijn bouwwerf? (bron : www.assuralia.be)
Een bouwwerf verzekeren is niet altijd makkelijk omdat u op zoek moet naar maatwerk. Vaak zijn er immers al bestaande verzekeringen lopende, zoals bijvoorbeeld die van de aannemer en de architect.
Nochtans is het een kwestie van gezond verstand om toch eens na te gaan of alles wel voldoende verzekerd is. Het gaat hier namelijk al snel over grote bedragen. En ook het risico is niet mis: de aannemer kan failliet gaan, er kan schade berokkend worden aan anderen (bijvoorbeeld aan een aanpalende woning), enzovoort.
Bovendien komt bij bouwen of verbouwen een heel aantal mensen kijken (aannemer, onderaannemer, architect, bouwheer,…) en kan het lastig zijn om ingeval van schade de aansprakelijkheid aan te duiden.
Daarom bestaat er een verzekering specifiek voor bouwwerven: de verzekering «Alle Bouwplaats Risico’s».
Deze verzekering kan, naargelang, de volgende voorwaarden dekken :
- De schade die aan de werf wordt toegebracht alsook aan de materialen en gereedschappen op de werf (die gewoonlijk niet verzekerd zijn door de aannemer) door natuurkrachten, een (gedeeltelijke) instorting, een brand of een ontploffing, diefstal of vandalisme, …
- uw burgerlijke aansprakelijkheid in verband met de bouwwerkzaamheden, dus voor zowel lichamelijke als materiële en immateriële schade die geleden wordt door anderen voor zover die schade verband houdt met de werken
- schade aan de woningen van buren als die het gevolg is van de bouwwerkzaamheden, zelfs indien deze correct werden uitgevoerd
Opgelet : het contract moet aangegaan zijn voor het aanvangen van de werken !
Zijn er ook beperkingen?
Het is niet ongebruikelijk dat het bouw- of verbouwproces langer duurt dan voorzien. Het is ook niet ondenkbaar dat u dan tijdelijk extra onderdak moet voorzien – bijvoorbeeld omdat uw huurovereenkomst al beëindigd is omdat u dacht te kunnen intrekken in de nieuwe of verbouwde woning. De kosten die daar verband mee houden zijn niet gedekt in een verzekering «Alle Bouwplaatsrisico’s».
Het is ook mogelijk dat een schadegeval zich heeft voorgedaan op uw werf en u daardoor inkomen verliest omdat ook uw zaak die u als zelfstandige uitbaat in het verbouwde of gebouwde pand zou moeten ondergebracht worden. Deze schade is doorgaans ook uitgesloten.
Mijn dochter gaat op kot. Moet zij daarvoor een brandverzekering afsluiten? (bron : www.assuralia.be)
Elke huurder, of het nu om een gewone huurder of een kotstudent gaat, is aansprakelijk voor de schade die hij zou kunnen aanrichten aan het gebouw waarin hij huurt en aan derden. En dit voor brandschade, waterschade, ontploffing,… Als het niet met overmacht te maken heeft, is het voor rekening van de huurder.
Om haar huurderaansprakelijkheid te dekken, heeft uw dochter dus nood aan een verzekering maar ervan uitgaande dat het gezin over een brandverzekering beschikt voor de gezinswoning, is het best mogelijk dat uw dochter geen aparte brandverzekering moet afsluiten. In de meeste brandverzekeringen zit een extra waarborg die een oplossing biedt voor deze situatie. Om zeker te zijn of daarnaast zowel haar burgerlijke aansprakelijkheid als de eventuele schade aan haar eigen inboedel voldoende verzekerd zijn, moet u er de algemene voorwaarden van uw brandpolis bijnemen of deze vraag voorleggen aan uw verzekeraar of tussenpersoon.
Levensverzekering
Een levensverzekering, wat is dat?
Het oorspronkelijke doel van eens levensverzekering is garanderen dat een bepaalde som geld (kapitaal of een lijfrente) zal gestort worden als er zich een evenement voordoet met de verzekerde: zijn overlijden of zijn overleven. De levensverzekering is dus niet alleen een verzekering in geval van overlijden. Men moet het onderscheid maken tussen een verzekering in geval van overlijden (overlijdensverzekering) waarbij een forfaitaire som of een lijfrente wordt gestort bij overlijden, en de verzekering bij leven die een forfaitaire som of een lijfrente betaalt bij leven bij afloop van het contract of wanneer men overlijdt vóór de vervaldag. Het heeft veel weg van een spaarproduct, maar met de fiscale voordelen van een verzekering.
Een levensverzekering maakt het dus ook mogelijk om geld te laten renderen, terwijl men tevens een langetermijnobjectief nastreeft: pensioen, een investering in onroerend goed, enz.. Zij biedt ook aanzienlijke fiscale voordelen in het kader van de successierechten.
Er zijn altijd 4 partijen bij een levensverzekeringcontract: de verzekeraar, de verzekeringnemer, de verzekerde en de begunstigde (in geval van leven en in geval van overlijden).
- De verzekeraar: : de verzekeringsmaatschappij waarmee een contract is aangegaan;
- De verzekeringnemer: : degene die zich verbonden heeft met de verzekeraar tot de betaling van de premies en door de ondertekening van de verzekeringspolis. Hij heeft het recht om de begunstigden van de uitkering of het kapitaal te selecteren bij leven of dood van de verzekerde;
- De verzekerde : is de persoon in wie het risico (overlijden) berust. Hij moet instemmen met de verzekering in geval van overlijden. Hij vult de medische vragenlijst in, in voorkomend geval;
- De begunstigde: : in geval van leven, is de begunstigde meestal de verzekeringnemer; in geval van overlijden is de begunstigde degene die werd aangeduid door de verzekeringnemer. Hij kan direct worden aangewezen (naam en voornaam), of indirect (echtgenoot, kinderen, enz..). Bovendien is een clausule buiten de overeenkomst ook geldig (in een testament of authentieke akte neergelegd bij een notaris). De begunstigde kan zowel de verzekerde als ook de verzekeringnemer zijn.
In welke mate zijn levensverzekeringen veilig? (bron: www.assuralia.be)
Sinds de losbarsting van de kredietcrisis interesseert de media zich heel vaak in de bescherming van bankgaranties en andere financiële hulpmiddelen in geval er een bank of een financiële instelling failliet gaat. Logisch dat de mensen willen weten of deze bescherming ook geldt voor levensverzekeringen.
Het antwoord hierop luidt “niet systematisch, maar ...”. Sinds het einde van de "grote crisis" van 1929-1930 wordt de sector van (levens)verzekeringen op de voet gevolgd door de Belgische autoriteiten, die trouwens de Europese wetten in onze nationale wetgeving hebben verwerkt. Sinds de veralgemening van de controle op verzekeringsactiviteiten ging er in België geen enkele (levens)verzekeraar over kop. Waaraan dit te danken is?
In eerste instantie aan het feit dat verzekeringsagentschappen technische fondsen hebben voorzien. Die stellen het bedrag veilig dat vandaag noodzakelijk is om prestaties in de toekomst vlot te laten verlopen. Deze fondsen zijn – als er sprake is van rendementsgarantie – noodzakelijkerwijze gedekt door beleggingen in euro’s (geen valutarisico) en vooral in obligaties. Wat de levensverzekeringen betreft, bedroeg de waarde van deze beleggingen 156,3 miljard euro op het einde van 2007. De instanties voor de controle van verzekeringen – bij ons de Commissie voor het Bank-, Financiën en Assurantiewezen (CBFA) – waken erover dat het soort contracten die de verzekeraar moet eerbiedigen met de uitgevoerde beleggingen overeenkomt, en in het bijzonder met de spreiding en de kwaliteit ervan. Het is goed er rekening mee te houden dat verzekeringen zonder rendementsgarantie (maar geïnvesteerd in activa naar keuze van de klant, met mogelijks schommelende waarde) berusten op de goede kennis van de klant inzake het beleggingsrisico.
Bovendien zijn verzekeraars op grond van de Europese richtlijnen inzake verzekeringen eraan gehouden om een solvabiliteitsmarge (onafhankelijk van eerder vermelde technische fondsen) te voorzien. Dit houdt immers een extra veiligheidsgarantie in. In de praktijk behouden de Belgische verzekeringsagenten gemiddeld een solvabiliteitsmarge van het dubbele van wat de wetgeving eist om in dit geval 11 miljard euro te bereiken. Het CBFA controleert eveneens regelmatig of de verzekeraars werkelijk kunnen weerstaan aan de klappen die de financiële markten krijgen.
Ten slotte, waakt het CBFA – en dat is typisch Belgisch – over de rentabiliteit van de verzekeringsmaatschappijen volgens elke tak. Concreet betekent dit dat de inspecteurs niet aan de alarmbel trekken als de solvabiliteit een uitglijder maakt, dan wel zodra de door de verzekeraar nagestreefde strategie voor problemen zorgt, namelijk door de structurele verliezen die hij begint te noteren.
Ten tijde van de uitbarsting van de kredietcrisis had de Belgische regering beloofd bijzondere aandacht te besteden aan alle spaarders die hun geld in een levensverzekering met gegarandeerd rendement hadden belegd. Daarnaast bood onze regering levensverzekeraars de kans om zich voor individuele contracten met gegarandeerd rendement (tak 21) aan te sluiten op een garantiesysteem gebaseerd op het beschermingsmodel voor bankgaranties.
Een levensverzekering kan recht geven op een fiscaal voordeel, naast het voordeel dat toegekend wordt voor pensioensparen. Aan welke voorwaarden moet ik voldoen? (bron: www.assuralia.be)
Vous pouvez souscrire une assurance-vie et déduire fiscalement les primes payées (jusqu'à un maximum déterminé). Combien, vous demandez-vous ? Cela dépend de ce que vous gagnez, de ce que vous déclarez dans le cadre de votre prêt hypothécaire ou d'autres primes d'assurance que vous déduisez déjà .
Quoi qu'il en soit, la déduction fiscale maximale s'élève à 2.080 euros (exercice d'imposition 2010).
Gezondheidsverzekering
Verandert de premie van mijn hospitalisatieverzekering als ik ziek val? (bron: www.assuralia.be)
Neen. De hospitalisatieverzekering is er net om u bij ziekte te helpen en uw doktersfactuur te drukken. Eens verzekerd kan uw premie niet meer gewijzigd worden omdat u of een gezinslid een ziekte oploopt. De premie houdt enkel rekening met uw gezondheidstoestand op het ogenblik van de inschrijving op de verzekering. Achteraf kan die niet meer aangepast worden mocht u gezondheidsproblemen hebben en gehospitaliseerd moeten worden. Op grond van het wettelijk kader dat binnenkort verwacht wordt, kan de premie alsnog gewijzigd worden op basis van tendensen. Deze wijziging staat evenwel los van uw gezondheidstoestand.
Waarvoor dient de hospitalisatiekaart? (bron: www.assuralia.be)
In het verleden durfden sommige ziekenhuizen wel eens een ongeoorloofd hoge factuur opmaken voor patiënten die gedekt werden door een extra verzekering voor gezondheidszorgen. Het zelfde geldt voor garagisten en carrosseriebouwers die ervan profiteerden als een ongeluk door de verzekering werd gedekt, om hun factuur wat aan te spijzen.
Om dergelijke facturatiepraktijken in de kiem te smoren hebben de verzekeraars snel gereageerd door de ziekenhuizen en garages te gaan erkennen. Via deze erkenningen komen de verzekeraars vooraf een prijs met die dienst- en zorgverstrekkers overeen. De hospitalisatiekaart is het resultaat van die overeenkomst tussen de verzekeringsmaatschappij en de ziekenhuizen die zich ertoe verbinden alle facturen rechtstreeks aan de verzekeraars te bezorgen, en dus niet eerst aan de verzekerde. Dit vermijdt niet alleen dat de patiënt het bedrag moet voorschieten, maar bovenal dat de verzekeraar de facturen en het te betalen deel voor elke partij (mutualiteit, patiënt, verzekeraar) kan controleren. Zo kan de verzekeraar ook de prestaties en de tarieven van een arts controleren via het document dat die moet invullen.
Telewerk: arbeidsongeval thuis? Kan een thuiswerker slachtoffer worden van een arbeidsongeval? (bron: www.assuralia.be)
Een verzekering voor “arbeidsongevallen” is verplicht: het is niet omdat een werknemer thuis werkt en niet op de gewoonlijke werkvloer, dat die niet verzekerd is. Gezien de werkgever echter elke nieuwe omstandigheid aan het huidige contract moet aangeven, moet hij zijn verzekeringsagent van deze nieuwe situatie van zijn werknemer op de hoogte brengen. Dit vermijdt zowel voor de werkgever als werknemer nadelige gevolgen in geval van een arbeidsongeval thuis.
Telewerkers hebben geen strikte werkuren: ze kunnen ’s nachts, op een feestdag of op een zondag werken. De verzekeringen hebben daarom een pragmatische oplossing aangenomen die erin bestaat de dekking bij een arbeidsongeval uit te breiden met een clausule 24/24u. Omdat telewerk in principe niet méér risico’s inhoudt, gaat hiermee gewoonlijk geen premiestijging gepaard.
Arbeidsongevallenverzekering
Ik zou in mijn woning graag een Bed & Breakfast beginnen. Aan welke verzekeringen moet ik denken? (bron : www.assuralia.be)
Woningverzekering = brand en diefstal
Als eigenaar van de woning heeft u allicht een woningverzekering. Hoewel deze niet verplicht is, beschermen de meeste eigenaars hun eigendom tegen allerlei risico’s zoals brand en diefstal met een woningverzekering. Gelukkig maar!
Toch kan u best contact opnemen met uw brandverzekeraar (of uw tussenpersoon) om na te gaan of uw woningverzekeringscontract aangepast zal moeten worden nu u een bijkomende bestemming aan uw woning toewijst.
Overigens dient een uitbater van een B&B rekening te houden met de wettelijke verplichtingen, zoals bijvoorbeeld omtrent brandpreventiemaatregelen (rookmelders e.d.). Uw veiligheid en die van uw gasten vaart er wel bij.
Indien een logé van een gastenkamer uw eigendom steelt, kan dit gedekt worden door een aangepaste woningverzekering, zij het tot een beperkt bedrag, naargelang uw verzekeringscontract.
Let er ook op dat elke diefstal aangegeven moet worden bij de politie. Indien u een gast verdenkt, dient u dat ook mee te delen bij de politieaangifte.
BA Uitbating / BA Familiale
Elke burger is aansprakelijk voor zijn nalatigheden en fouten die schade aan anderen kunnen toebrengen. Om die aansprakelijkheid te dekken, heeft iedereen er dus baat bij om een familiale verzekering af te sluiten. Het gaat hier om de BA Familiale verzekering, ook wel BA Gezin of BA Privéleven genoemd, waarin “BA” staat voor burgerlijke aansprakelijkheid.
Hoewel deze verzekering in eerste instantie beperkt is tot het privé-leven, en contractuele verbintenissen uitsluit, is het naargelang de uitgebreidheid van de dekkingen mogelijk dat deze familiale verzekering volstaat om uw burgerlijke aansprakelijkheid te dekken als uitbater van een Bed & Breakfast. Anderzijds bestaat er ook een “BA Uitbating” die uw burgerlijke aansprakelijkheid dekt in het kader van uw professionele activiteiten als uitbater. Een speciale verzekering in geval van brand en ontploffing is vereist vanaf een exploitatie als hotel of motel van minstens vier kamers.
Om te weten of een familiale verzekering voldoende bescherming biedt in uw geval, dan wel of u beter overgaat tot het sluiten van een BA Uitbating, kan u zich best richten tot uw verzekeraar of tussenpersoon. Die kan u bijstaan in het maken van de juiste keuze opdat u van de beste bescherming kan genieten. Tenslotte bent u op zoek naar “maatwerk”.
Arbeidsongevallenverzekering
Wie betaald personeel in dienst neemt, moet voor hen een arbeidsongevallenverzekering voorzien. Elke werkgever is daartoe verplicht. Deze verzekering vergoedt de lichamelijke schade als gevolg van een arbeidsongeval
Telewerk: arbeidsongeval thuis? Kan een thuiswerker slachtoffer worden van een arbeidsongeval? (bron: www.assuralia.be)
Een verzekering voor “arbeidsongevallen” is verplicht: het is niet omdat een werknemer thuis werkt en niet op de gewoonlijke werkvloer, dat die niet verzekerd is. Gezien de werkgever echter elke nieuwe omstandigheid aan het huidige contract moet aangeven, moet hij zijn verzekeringsagent van deze nieuwe situatie van zijn werknemer op de hoogte brengen. Dit vermijdt zowel voor de werkgever als werknemer nadelige gevolgen in geval van een arbeidsongeval thuis.
Telewerkers hebben geen strikte werkuren: ze kunnen ’s nachts, op een feestdag of op een zondag werken. De verzekeringen hebben daarom een pragmatische oplossing aangenomen die erin bestaat de dekking bij een arbeidsongeval uit te breiden met een clausule 24/24u. Omdat telewerk in principe niet méér risico’s inhoudt, gaat hiermee gewoonlijk geen premiestijging gepaard.
Arbeidsongeval?
Het is belangrijk na te gaan of er een min of meer evident verband bestaat met de professionele activiteit. Een risico dat niet in het arbeidscontract is opgenomen (zoals een kwetsuur die een telewerker tijdens een sportactiviteit oploopt) zal niet als arbeidsongeval worden gedekt. Als hij echter een gekwetste vinger overhoudt nadat die in de printer gekneld zat, zou dat als een arbeidsongeval beschouwd kunnen worden.
Bij thuiswerk is het ongeval moeilijker aan te tonen, omdat er geen collega’s zijn die zoals op het werk zouden kunnen getuigen.
Ik werk als jobstudent en had op het werk een ongeval. Wat nu? (bron : www.assuralia.be)
Arbeidsongevallenverzekering is verplicht
Wie op het werk (of op de weg ernaartoe of weer naar huis) een ongeval heeft, is verzekerd door de arbeidsongevallenverzekering. Elke werkgever moet die voor elk van z’n werknemers afsluiten, ook voor jobstudenten (vakanties, weekends,…).
In 2008 raakte één jobstudent op 160 gewond tijdens het werk. Hoewel dit cijfer jaar na jaar daalt dankzij gerichte preventiecampagnes, bent u dus niet de enige.
Arbeidsongeval?
Het is belangrijk na te gaan of er een min of meer evident verband bestaat met de professionele activiteit. Een risico dat niet in het arbeidscontract is opgenomen (zoals een kwetsuur die een telewerker tijdens een sportactiviteit oploopt) zal niet als arbeidsongeval worden gedekt. Als hij echter een gekwetste vinger overhoudt nadat die in de printer gekneld zat, zou dat als een arbeidsongeval beschouwd kunnen worden.
Wat gebeurt er na een arbeidsongeval?
Verwittig zo snel mogelijk uw werkgever als u het slachtoffer bent van een arbeidsongeval. Het kan handig zijn om nuttig bewijsmateriaal, zoals de naam van getuigen, te verzamelen.
De werkgever doet binnen de 8 kalenderdagen aangifte van het arbeidsongeval bij zijn arbeidsongevallenverzekeraar.
Het is de verzekeraar (en niet de werkgever) die beslist of een ongeval al dan niet een arbeidsongeval is.
De verzekeringsmaatschappij bepaalt het percentage van arbeidsongeschiktheid en of die tijdelijk of blijvend is en berekent uw vergoeding. Kosten voor medische verzorging en/of vergoeding voor blijvende letsels worden door de arbeidsongevallenverzekering gedekt. De omvang van de vergoedingen is evenwel wettelijk vastgelegd. Het is dus mogelijk dat niet de volledige schade zal worden vergoed.
De vergoedingen voor arbeidsongeschiktheid worden berekend op basis van het loon dat in uw arbeidscontract voorzien was.
Als u moeilijkheden ondervindt of als als uw werkgever toch geen arbeidsongevallenverzekering afgesloten blijkt te hebben, dan wordt dit opgevangen door het Fonds voor Arbeidsongevallen.
Rechtsbijstandverzekering
Wat is de rechtsbijstandsverzekering? (bron: www.assuralia.be)
Een rechtsbijstandsverzekering is er in de eerste plaats om uw rechten te kennen en – als dat nodig is – die rechten zoals in de polis bepaald ook te verdedigen, of u nu zelf een claim wil formuleren dan wel wanneer u zich moet verweren. En dat zonder dat de zaak moet geëscaleerd zijn tot een gerechtelijke, administratieve of andere procedure. In veel gevallen kan een minnelijke schikking het onheil reeds oplossen. Indien dat toch niet het geval is, zal de rechtsbijstandsverzekering de proceskosten en de erelonen aan advocaten en experten dekken.
De rechtsbijstandsverzekering is geen verplichte verzekering. U vindt ze echter vaak als bijkomende verzekering bij een andere verzekering. Zo zit in de familiale verzekering vaak een luik “rechtsbijstand” en kan u bij uw autoverzekering (BA of omnium) meestal ook kiezen of u er een rechtsbijstandsverzekering bijneemt of niet. Zulke rechtsbijstandverzekeringen kaderen dan in de verzekering die u afsloot (hier: familiale verzekering en autoverzekering). Een volledig aparte – en doorgaans ook ruimere - rechtsbijstandsverzekering kan ook. Voor een overzicht van de verschillende formules, klik hier.
Een concreet voorbeeld: U raakt betrokken in een verkeersongeval waarbij de aansprakelijkheid wordt betwist. In dat geval kan de rechtsbijstandsverzekering die u heeft genomen in het kader van uw autoverzekering u bijstaan in het verdedigen van uw rechten en, indien noodzakelijk, de erelonen van de advocaat alsook de proceskosten dekken. Andere concrete voorbeelden vindt u hier.
Voor welk type rechtsbijstandsverzekering u ook gaat, u bent steeds vrij in de keuze van advocaat of elke andere persoon die de vereiste kwaliteiten bezit om uw belangen te verdedigen. Let wel: indien uw keuze voor een advocaat ingaat tegen het advies van uw verzekeraar, dan kan het zijn dat u slechts de helft van de kosten en erelonen terugbetaald krijgt. Dat is namelijk het geval indien de geraadpleegde advocaat de visie van de verzekeraar bevestigt. Komt u door het kiezen van uw advocaat toch tot een beter resultaat dan wanneer u de stelling van de verzekeraar was bijgetreden, dan moet de verzekeraar alsnog alle kosten dekken.